Deze spreekbeurt over het oog is gemaakt door Sanne van den Hooge uit Antwerpen.
Ik wil graag mijn spreekbeurt houden over het oog. Ik heb hiervoor gekozen, omdat ik mijn ogen elke dag gebruik, maar ik weet helemaal niet hoe ze werken. En toch zou ik dat graag willen weten.
Hoe zit het oog in elkaar ?
AidsJe oog bestaat uit een aantal dingen. Al deze dingen samen zorgen ervoor dat je kunt zien. Zo heb je het eigenlijke oog, de oogbol en alle omliggende dingen. Je oogbol bestaat van voor naar achter uit een aantal dingen. Ik zal die nu opnoemen. Het eerste is een harde witte schil die de harde oogrok wordt genoemd. Daar in zit het hoornvlies. Beide dingen zitten aan de achterkant verbonden aan de binnenkant van je oogleden. Dit is een soort gesloten gang waardoor je lenzen (als je die draagt) niet achter je oog kunnen komen. Erachter zit de iris, ook wel het regenboogvlies genoemd. De iris scheidt de voorste en de achterste oogkamer met elkaar. Deze kamers zijn allebei met dun, waterig vocht gevuld. Achter je iris zit je lens. En achter je lens zit het glasvocht. Dan zit het netvlies weer achter het glasvocht. Dan zijn er nog de omliggende dingen zoals je oogleden en je oogspieren en je traanklieren. Je oog is gemiddeld 2,5 cm in doorsnee en hij weegt ongeveer 7,5 gram dus dat is niet zo veel.
Beelden zien
Jullie kijken nu allemaal naar mij en jullie zien mij. En ik sta netjes recht in jullie ogen. Ik ga nu vertellen hoe dat komt. Het hoornvlies projecteert in samenwerking met de ooglens een scherp beeld ondersteboven op je netvlies. Op dit netvlies zitten zenuwcellen die een signaal doorgeven naar je hersenen. Vervolgens worden deze prikkels door je hersenen omgezet in een beeld dat recht staat. En daarom kunnen jullie mij hier netjes recht zien staan.
Kleuren zien
Als je om je heen kijkt dan zie je allemaal kleuren. Je ziet dat het plafond van dit klaslokaal wit is en dat het gras buiten groen is. Je ziet dat het haar. van de leraar bruin is en dat hij zwarte schoenen draagt. Als je om je heen kijkt zie je allerlei kleuren. Maar hoe kan het dat je oog deze kleuren allemaal onderscheidt? In ons netvlies zitten bepaalde zintuigcellen. Deze zijn niet allemaal hetzelfde, we hebben namelijk staafjes en kegeltjes. De staafjes die zijn gevoelig voor alle kleuren licht, maar de kegeltjes onderscheiden maar enkele kleuren. Je hebt drie soorten kegeltjes, die gevoelig zijn voor rood, groen en blauw. Deze drie kleuren kunnen er gecombineerd voor zorgen dat wij kleuren kunnen onderscheiden. Want met rood, groen en blauw kunnen alle andere mogelijke kleuren worden gevormd. Wat er gebeurt als je één van deze drie kleuren niet hebt, vertel ik nu bij het hoofdstuk kleurenblindheid.
Kleurenblindheid
Er zijn ook mensen die de verschillende kleuren niet zo goed kunnen onderscheiden. Deze mensen zijn kleurenblind. Dit komt doordat één of meer van de typen kegeltjes die ik genoemd heb (rood, groen en blauw) niet goed werken. In eerste instantie denk je misschien dat het niet zoveel uitmaakt om een bepaalde kleur niet te kunnen zien, maar dit kan wel degelijk erg zijn. Denk maar eens eraan als je later schilder, fotograaf, architect, piloot of politieagent wilt worden. Bij al deze beroepen heb je het nodig om goed kleuren te kunnen onderscheiden. Of denk maar aan wanneer je in een auto zit en je niet kunt zien of het stoplicht nou rood, oranje of groen is. Kun je dan doorrijden of niet? Het is dus heel erg lastig als je kleurenblind bent, want je hebt op sommige momenten het echt nodig om de verschillende kleuren te kunnen zien.